De grootste verborgen schat voor duurzame verandering

De grootste verborgen schat voor duurzame verandering is tegelijkertijd de meest genegeerde. Ik stel je voor aan Pieter. Zodat je in de toekomst de verborgen schatten beter kunt herkennen.

Pieter is een spin in het web binnen zijn bedrijf. Hij werkt als receptionist en verzorgt de post. Als er in zijn bedrijf ‘s avonds ontvangsten zijn – en dat komt nogal eens voor – dan zorgt hij voor de catering. Pieter heeft een groot groen hart.  In zijn vrije tijd is hij vaak in de natuur te vinden. Voor natuurliefhebbers is het een feest om met hem een wandeling te maken. Hij kent de namen van alle planten en dieren en hij weet in veel gebieden de bijzondere en zeldzame soorten te vinden.

Met zijn liefde voor de natuur ontwikkelden zich tegelijkertijd zorgen over de natuur. Met pijn in zijn hart ziet hij hoe steeds meer natuur opgeofferd wordt voor wegen en bebouwing. En hij ziet de consequenties van ons handelen op de natuur. Bijvoorbeeld op de biodiversiteit die achteruit gaat.

Net zoals hij zichzelf van alles over de natuur heeft geleerd, leerde hij zichzelf – tegen wil en dank – van alles over duurzaamheid. Zoals hij de soorten in de natuur kent, kent hij de nieuwste innovaties voor duurzame energie en duurzame grondstoffen. Die vindt hij interessant en hoopgevend.

Maar genot en zorg liggen dicht bij elkaar. In de natuur geniet hij het ene moment van de schoonheid en het volgende moment constateert hij dat een soort het niet gaat redden in een stukje biotoop en overvalt hem een moedeloos gevoel. Op dezelfde manier ziet hij binnen het bedrijf de onduurzaamheid. Onnodige energieverspillingen, verspilling van materialen, onzuinige auto’s. En ook ziet hij onverschillige mensen.

Waar de schoonheid van de natuur tijdens een wandeling het in de meeste gevallen nog kan winnen van de zorgen, vindt hij dat hij op zijn werk zijn duurzame kennis maar beter kan thuislaten. Waar hij in de natuur via georganiseerde wandelingen zijn liefde en kennis kan overdragen aan andere gepassioneerden, staat hij in zijn werk zo goed als alleen. Zijn liefde voor de natuur kan hij delen in georganiseerd verband. Lidmaatschappen van natuurverenigingen en maatschappelijke organisaties brengen hem in contact met gelijkgestemden en geven hem energie.  Op zijn werk kent hij hooguit twee mensen die zijn zorgen delen, maar die werken op geheel andere afdelingen. Hij spreekt ze maar zelden. Op zijn werk voelt hij niet de verbinding die hij in zijn vrije tijd in de natuur samen met andere natuurliefhebbers beleeft.

Je zou denken dat Pieter de pech heeft om in het meest onduurzame, onverschillige bedrijf van Nederland te werken. Maar dat is niet het geval. Het bedrijf heeft recent het gehele dak vol gelegd met zonnepanelen en heeft zich via een regionaal bedrijvennetwerk uitgesproken om te streven naar grote energiebesparingen in de bedrijfsvoering en binnen de gebouwen. Daar was hij natuurlijk ontzettend blij mee.

Maar die blijdschap is ondertussen ook weer weggezakt. Want tijdens zijn postrondje ziet hij nog steeds dezelfde onduurzame dingen gebeuren die hij altijd al zag. En als hij eens ergens het licht uitdoet, of tegen iemand een opmerking maakt over apparaten die ongebruikt aan staan, krijgt hij te horen dat het nu toch niets meer uitmaakt. Er zijn immers zonnepanelen. Zijn collega’s vinden hem een betwetertje. En dat laat hij maar zo. Hij houdt nu zijn mond. Zijn collega’s weten niet dat hij aan de mooie maar kwetsbare natuur denkt als hij de verspilling om zich heen ziet. Hij vertelt maar niet wat hij weet over hoeveel extra energiecentrales er nodig zijn als je alle kleine verspillingen om je heen bij elkaar optelt. Net zoals hij niet vertelt over de desastreuze gevolgen van andere ogenschijnlijk kleine natuurdelicten als zwerfafval. Of van een klein beetje gif in je eigen achtertuin tegen het onkruid tussen de tegels. Al die kleine dingen zijn voor hem heel groot. Vanwege de grote gevolgen van de optelling van al dat kleins voor de aarde. En daarmee ook vanwege de gevolgen voor toekomstige generaties. En dat heeft  dus ook gevolgen voor de toekomst van hun eigen bedrijf. Ook daar denkt hij aan.

Als hij een doos pennen mee naar huis zou nemen is hij een dief en doet hij het bedrijf te kort. Hij zal worden gestraft als hij betrapt wordt. Hoe legt hij uit dat de vele onduurzame vergrijpen die hij dagelijks om hem heen ziet minstens net zo erg zijn? Energieverspillen is toch ook stelen? Dat kost toch ook geld? En met verspillen steel je niet alleen in het nu, maar ook van een duurzame toekomst. Allemaal gedachten van Pieter tijdens zijn postrondes.

Hij ziet het, hij denkt het, hij voelt het, maar hij doet er niets mee. Dat stukje Pieter laat hij thuis. Dat bewaart hij voor zijn natuurwandelingen met andere natuurliefhebbers. Daar wordt zijn kennis gewaardeerd. En daar geniet hij niet alleen, maar heeft hij ook het idee dat hij bijdraagt aan een verandering. Daar is hij met een groep die net zo tegen de wereld aankijkt als hij. Een groep die groeit. Elk weekend ontmoet hij wel iemand waarvan de ogen geopend worden voor de uniekheid van de natuur. Dat geeft hem voldoening en moed.

Stel je voor dat Pieter in het bedrijf zich net zo zou kunnen bewegen als hij in de natuur doet? Wat gebeurt er als Pieter zijn groene hart wel mee kan nemen naar zijn werk?

Wordt vervolgd… En het gaat niet meteen goed kan ik alvast verklappen.

 

 

Waarom je een idee nooit moet laten liggen – en zwerfafval ook niet #zwerfie

Deze blog werd eerder gepubliceerd op mijn site Waves of Change

6 februari zag ik deze tweet langs komen.

Een gevatte tweet. Maar ook een zeer waardevolle. Dat vermoedde ik al toen ik ‘m las. Maar toch wist ik op dat moment nog niet hoe waardevol deze tweet precies was.

Henk Vrugt slingerde met zijn tweet een klein idee de wereld in. Maar wel één met een briljante concept: #zwerfie. De tweet werd geschreven op het juiste moment. Het idee viel in vruchtbare aarde. De tijd was rijp. #zwerfie werd groot. Laten we eens kijken hoe.

Eerst over die vruchtbare aarde. Die is ontstaan door het pionierende werk van Peter Smith van Klean.

Al lange tijd is Peter Smith van Klean bezig om op een vernieuwende manier het zwerfafvalprobleem op te lossen. Eén van zijn stellingen is: als 25% van de mensen elke dag een stuk zwerfafval opruimt, hebben we een nieuw probleem: er ligt te weinig zwerfafval voor iedereen.

Zijn idee vindt navolging. Peter heeft ook mij geïnspireerd om deel uit te gaan maken van de oplossing in plaats van moedeloos toe te zien. Ik volg sindsdien Peter zijn avonturen, maar ook zijn aanpak. Die past in mijn visie over aanjagen van duurzaamheid. 

En Peter Smith had dus ook Henk Vrugt geïnspireerd.

De tweet van Henk heeft voor mij persoonlijk een groot verschil gemaakt. Sinds 6 februari raap ik écht elke dag. Voor die tijd sloeg ik weleens een dag over. Nu denk ik  – ook als het regent – ik moet nog een #zwerfie scoren. Ik post mijn #zwerfie elke dag op Twitter en inmiddels doen velen dit met mij. #zwerfie maakt het rapen leuk en het delen op Twitter maakt het alleen maar leuker en stimuleert.

En tegelijk met mij gingen nog meer mensen hun #zwerfie delen op Twitter.  Zo werd #zwerfie nog interessanter. Want er ontstond verbinding. Een positieve beweging. Mensen die elkaar niet kenden reageerde op elkaars #zwerfie’s, moedigden elkaar aan en inspireerden op hun beurt weer nieuwe aanhakers.

Na een week was #zwerfie trending op Twitter: een topprestatie van een positieve stroming in een politiek woelige tijd (gezien de andere #hashtags).

En het bleef niet bij het posten van #zwerfies alleen. En er is inmiddels een Flipboard magazine over #zwerfie, gemaakt door Martin Pronk. Ik heb zelf een twitterlijst #zwerfie aangemaakt. Elke dag worden er nog zwerfafvalrapers aan de lijst toegevoegd. Er wordt over #zwerfie geschreven, gesproken en gefilmd in media in diverse regio’s in het land.

En dan zijn er nog de mensen die aangeven zwerfafval te rapen, maar dat niet posten, omdat ze niet actief zijn op social media. Of omdat ze geen smartphone hebben. #zwerfie is groot en we zien slechts een topje van de ijsberg.

Een wirwar van mensen op diverse plaatsen met ieder een eigen talent en bijdrage: die vormen samen een groeiende, zichtbare en positieve beweging. Een beweging met een gemeenschappelijke drijfveer: het opruimen van zwerfafval om zo bij te dragen aan een mooiere, schonere en meer duurzame omgeving.

De #zwerfie beweging is nog steeds groeiende. Ik ben blij dat ik op 6 februari #zwerfie niet voorbij heb laten gaan.

Wat kun jij leren van dit verhaal? Zou jij ook niet een dergelijke impuls in jouw project of programma willen?

Laten we nog eens terug kijken naar het proces.  Nooit is er ergens een projectbijeenkomst geweest. Er is nooit een plan gemaakt. Er is en was geen actielijst. Ieder doet zijn eigen ding. Ieder draagt zijn steentje bij.

De les hier is: pak een kans als die zich voordoet. Wees die eerste volger van een goed idee. Een idee die een leider maakt van een creatief persoon die zich zelf wellicht nog niet eens realiseert wat hij in de wereld zet. Een persoon die gewoon zijn hart volgt en een idee de wereld inslingert. Doe mee en breng het verder! En vertel daarna anderen wat je doet en waarom. Of – nog beter- doe het voor, wees zichtbaar!

Laat nooit een idee liggen!

(en laat ook nooit zwerfafval liggen ;) )

Inspiratie: college van Herman Wijffels

Dit weekend vond Lowlands weer plaats. Vorig jaar gaf Herman Wijffels – hoogleraar duurzaamheid en maatschappelijke verandering – een college op dit Festival  in het kader van Lowlands University 2012, een project van Coolpolitics .

Het gedachtengoed van Herman Wijffels is voor mij een zeer belangrijke inspiratiebron. Deze lezing is nog steeds actueel, en zal zeker nog een aantal jaren – helaas – actueel blijven. Herman Wijffels vertelt een duurzaam-maatschappelijk verhaal. Hij nodigt ons toehoorders uit vanuit zijn denkraam na te denken wat ons te komende tijd in de maatschappij te doen staat. Deze lessen gaan ook op voor bedrijven en organisaties. En voor aanjagers van duurzame verandering – wavemakers – zijn deze lessen leerzaam, stimulerend en inspirerend!

Wat mij aanspreekt is dat Wijffels spreekt over transformatie. Een verandering die op mens-niveau moet worden aangegaan. Een compleet nieuwe manier van leven en werken die ervoor zorgt dat we als soort overleven! Een verhaal op macro-niveau dus. Een verhaal dat een stip op de horizon zet en tegelijkertijd een leidraad is voor handelen in het nu, inclusief advies voor jouw persoonlijke rol hierin.

Ik kan de video (45 minuten: dus maak even tijd!) van harte aanbevelen. Mocht je geen tijd hiervoor kunnen vinden geef ik onder de video een korte samenvatting.

Lowlands University 2012 – Herman Wijffels from Coolpolitics on Vimeo.

Samenvatting van het college

“We verkeren in een crisis. En dat is niet alleen een financiële crisis. Deze crisis omvat veel meer. Het luidt een einde van een tijdperk in – het industriële tijdperk. De principes van het industriële tijdperk hebben hun werk gedaan en hun beste tijd gehad.

Er is een transitie nodig en komende. Een transformatie waarin de samenleving opnieuw wordt vormgegeven en geschikt gemaakt voor de 21ste eeuw.  Zie het als een nieuw evolutionair moment.

Door bevolkingsgroei, welvaartsgroei is de rek uit ons systeem. We moeten ons op een andere manier gaan verhouden tot onze natuurlijke hulpbronnen.

Wat werkt niet meer en waarom niet?

  • Het financiële stelsel dient ons niet meer. Geld komt tegenwoordig de wereld in als schuld. Er is sprake van geldschepping door banken. En daarmee zijn houdbare grenzen overschreden. Maar deze verkeerde dynamiek zit in het stelsel zelf opgesloten. Dit leidt tot inflatie – bubbles – met alle desastreuze gevolgen van dien.
  • We gebruiken meer van onze aarde dan beschikbaar is. We halen de toekomst naar voren . Er is een disbalans tussen ecologie en economie. De huidige economie is  die van take -make – dump.  En – mede – door bevolkingsgroei en welvaartsgroei leidt dit tot vervuiling en uitputting. Onze natuurlijke hulpbronnen worden overbelast. Deze crisis is nog fundamenteler dan de financiële crisis. Dit lineaire model is niet meer te handhaven!
  • In het huidige industriele tijdperk heerst de top-down organisatiestructuur. Deze pyramidestructuur past niet bij de opgaven waar we voor staan.  De structuur zorgt ervoor dat zaken vastlopen. Andere vormen van organiseren, zowel bedrijven als politiek zijn nodig.

Samenvattend kun je zeggen:  er is een mismatch tussen de omstandigheden die er nu zijn, dat wat nodig is en hoe we ons georganiseerd hebben.

Oplossingsrichtingen:

  • De financiële instellingen moeten weer hun maatschappelijke plek innemen. Dienstbaar zijn aan de reële economie. Stoppen met geld met geld maken. En ook bijdragen aan de financiering van de duurzame transitie.
  • We moeten efficiënter omgaan met onze natuurlijke hulpbronnen. We moeten niet alleen stoppen met aantasten en uitputten van de natuur, maar zelfs de natuur aanvullen. Oogsten uit stromen die uit de natuur voortkomen in plaats van natuurlijke bronnen opmaken.
  • We moeten ons anders gaan organiseren. Naar netwerken en open organisatievormen. Ruimte maken voor emergentie: laten opkomen wat er al is.

Conclusies:

Alle ingrediënten voor een volgende fase van de benodigde maatschappelijke ontwikkeling zijn er al!

Wat nodig is is decentraal denken en handelen, verbinden via netwerken, toepassen van circulaire economie. Ook vraagt deze nieuwe ordening een nieuwe ethiek. We moeten ons continue afvragen: wat is het effect van wat ik doe op anderen en op de natuur?

Afsluitend advies:

Gebruik je innerlijk kompas! Welke rol pak je in deze ontwikkeling? Welke invulling geef je aan je persoonlijke leven? Doe wat je past en doe waar je blij van wordt! Dat is de beste manier om iets moois te maken van ‚jouw rondje aarde’!